Afgebeeld  is de Gotische Brug op het terrein van Eyckenstein, een tekening van Maurits Jacob Eyck van Zuylichem (afbeelding uit het Nationaal Archief, collectie Eyck van Zuylichem, nr. 179).

 

Meer informatie

Maurits Eyck van Zuylichem hield zich in de vroege negentiende eeuw bezig met het ontwerpen van wandelroutes met bijzondere objecten op het gebied van het landgoed. Een voorbeeld is de afgebeelde brug. Ook liet hij in 1811 dwars over de laan van de Eikensteeg naar de grafkelder aan de Ridderlaan (achter de Koekoek) de Folly van Pan aanleggen. Hij schreef:

“[De] Tempel van Pan bestaad in eenen ronden van 72 weymouths pijnen, verbeeldende de colommen, zijnde den buitenste cirkel beplant met berken en het binnenste met fijne sparren, voorts met 4 portaalen, overeenkomende met de diverse wandel en rijpaden terwijl het geheel op eene afstand de vertooning moet opleveren van eene groote tempel”.

Vanuit deze tempel kon men in vier richtingen wandelen. Pan was de Griekse god van het woud en van de herders met hun kudde. Hieronder ziet men een kaart met de locatie (van de site www.eyckenstein.nl).

Op de site van het landgoed leest men over de Folly:

‘Wat nu nog over is van de Tempel van Pan, zijn enkele rond lopende ondiepe greppeltjes als overblijfsel van de ring, de rode lijnen op de afbeelding. Deze greppeltjes liggen verborgen achter en onder de begroeiing. De gele lijnen zijn de huidige paden die midden door de ring lopen. Tijdens de Buitenwerkdagen is de opslag verwijderd en is er gewerkt aan het weer zichtbaar maken van de restanten van de Folly van Pan. Plannen zijn in voorbereiding om de Folly van Pan op een moderne manier weer in het landschap op te nemen.”

AD

Meer informatie: Historisch onderzoek voor  ‘De Tempel van Pan’. Landgoed Eyckenstein te Maartensdijk (Stichting in Arcadië, Amersfoort 2018) en  Landgoed Eyckenstein  Aanvullend historisch onderzoek grafkelder  en grafkelderbos (Stichting in Arcadië/Provincie Utrecht, 2019).

Hieronder het pad naar de Folly van Pan en de grafkelder nu. (Foto: Anne Doedens.)