Op initiatief van pastoor Remmers werd in 1894/95 op een weiland achter de kerk, die kort daarvoor was ingewijd, een begraafplaats voor de parochianen van de St. Michaelkerk aangelegd. De  initiatieven van pastoor Remmers om hier een kerk te bouwen werden mogelijk gemaakt door toedoen van zijn zuster, een vermogende weduwe. Een uitbreiding van het kerkhof volgde in 1930. (foto’s Wim Krommenhoek)

 

Meer informatie

Het meest in het oog springt een groot Christusbeeld aan de oostzijde van het terrein met bovenaan INRI, afkorting van Iesus Nazarenus Rex Iudaerum (Jezus van Nazareth, koning der Joden) en beneden een schedel met gekruiste beenderen als symbool van de kortstondigheid van het leven. Opvallend op dit kerkhof  is het betrekkelijk grote aantal familiegraven en het feit dat er slechts twee pastoorsgraven te vinden zijn. Dit laatste komt doordat deze parochie lange tijd een “tussenpastoorsparochie” was, waarbij de pastoor na verloop van tijd werd overgeplaatst. Ook valt op dat er geen naoorlogse sterfdata worden aangetroffen, waarschijnlijk omdat veel graven zijn geruimd.

Zoals verwacht mag worden op een katholieke begraafplaats, is het aantal kruizen en crucifixen groot. Links van de ingang bevindt zich een kelder met bovenbouw waarop een koperen plaquette uit Lourdes. Hij wordt geflankeerd door een grote engel. Opvallend zijn  een grafsteen met blauwe hiëroglyfen en een Egyptisch beeldje, en een gemetseld grafmonument met in een nisje geplaatste Maria en het Christusmonogram waarin men meer zuidelijke devotie herkent. Algemene grafsymboliek is nauwelijks aanwezig.

WK

 

Literatuur:

Werkgroep Inventarisatie Grafmonumenten. Begraafplaatsen in De Bilt en Bilthoven (III). Biltse Grift, maart 1997.