Het Van Boetzelaerpark is in 1930 ontworpen door H. Copijn en Zn. uit Groenekan. Het park werd aangelegd door werklozen in het kader van een werkverschaffingsproject. Het is uitgevoerd in de Engelse landschapsstijl, die probeert op een natuurlijke manier een schilderachtig en romantisch landschap te creëren. Het park bevat een grote vijver met een fontein en een bruggetje. Foto: het park op een ansichtkaart van omstreeks 1935.

Doctor Carel Wessel Theodorus baron van Boetzelaer van Dubbeldam was theoloog en lid van de Tweede Kamer. In 1930 besloot hij op een deel van de grond van zijn landgoed Sandwijck een wandelpark aan te laten leggen dat hij zou schenken aan de bevolking van De Bilt. In deze jaren werd de Utrechtseweg verlegd zodat hij om de dorpskern heen liep. Deze verlegging van de weg zou het zuidelijke deel van het landgoed Sandwijck van de landhuis afsnijden.

Van Boetzelaer had wel voorwaarden gesteld. Dat de gemeente het park most onderhouden, was logisch. De grond moest bovendien eeuwig als park bestemd blijven. Hierdoor zou de baron voor altijd voor zijn huis een mooi uitzicht houden terwijl overal elders de bouw van woningen toenam. Boze tongen beweerden zelfs dat de baron, een kamerlid voor de Christelijk Historische Unie, het park had bedacht om niet naar de Sint Michaëlkerk te hoeven kijken.

Men stoorde zich vooral aan een andere voorwaarde: als het park door wijziging van de gemeentegrenzen in een andere gemeente zou komen te liggen, moest De Bilt aan de Van Boetzelaers vierhonderdduizend gulden betalen of 242,6 kilo fijn goud. Na overleg sprak men af dat in geval van grenswijziging het geld zou worden gestort in een fonds om ouden van dagen en wezen te helpen. In 1932 besloot de raad om de schenking van het park te aanvaarden.

 

Vervolg: Ga het park in en wandel naar de achteruitgang aan de noordkant. Buiten  het hek bent u bij het begin van de rondwandeling.