Hoe klein het gehucht Blauwkapel ook was, het uiterst uitgebreide boekwerk Geheym-schryver van staat- en kerke der Vereenigde Nederlanden beginnende met die van de provincie Utrecht wist het in 1759 nauwkeurig in beeld te brengen. Andere boeken uit die tijd sloegen het dorpje over over besteedden er terloops een enkele regel aan. Afbeelding: Blauwkapel door L P Serrurier ca 1730 (Het Utrechts Archief)

Er waren volgens de Geheimschrijver twintig huizen in het dorpje zelf maar er stonden ook 57 woningen omheen, zodat er toch nog 430 personen woonden. De meeste mensen leefden van veeteelt en het verbouwen van graan. Net als in De Bilt kon men er goed en welvarend leven.

Zoals in andere beschrijvingen in Geheym-schryver van staat- en kerke was er veel aandacht voor de kerk: het kleine kerkje waar Blauwkapel naar genoemd was en dat nauwkeurig beschreven werd. De lijst van predikanten liepĀ  van Libertus Spruyt in 1640 tot de nog levende Henricus de Roo. Toch telde de kerkelijke gemeente minder dan veertig leden. Bij de kerk hoorde een school.

DAB

 

Literatuur:

Geheym-schryver van staat- en kerke der Vereenigde Nederlanden beginnende met die van de provincie Utrecht, deel 1 eerste stuk, Utrecht en Amsterdam 1759.