Afgebeeld is de grote zeventiende-eeuwse boerderij van de Maartensdijkse  pachtboer Gereidt Willsemsen in 1678. De eigenaar was het domkapittel te Utrecht. Het is een detail van een langgerekte kaart met daarop al het land dat bij de boerderij hoorde. Men ziet de complete kaart hieronder. De bovenste strook op de kaart hieronder loopt – van links naar rechts – van noord naar zuid, van Maartensdijk naar de Nieuwe Wetering. De onderste strook loopt – eveneens van links naar rechts – van zuid naar noord, van Maartensdijk naar Hollandsche Rading (Utrechts Archief, inventaris 216, Domkapittel, nr. 1499.)

 

Meer informatie

Het bij de hofstede behorende land  was 61 morgen of ruim 56 hectare groot. Mogelijk stond deze aanzienlijke hofstede op de plaats van de vroegere ridderhofstad aan de huidige Prinsenlaan (zie de post: Waar komt de naam ‘Prinsenlaan’ vandaan?) Opvallend is de lengte van de twee kavels (samen meer dan vier kilometer). De kaart illustreert de ontwikkeling van de ontginningen in dit gebied vanaf de middeleeuwen. Die waren niet alleen voor het gedeelte tussen Maartensdijk en Hollandsche Rading maar ook voor het deel tussen Maartensdijk en de Nieuwe Wetering  in 1678 nog niet afgerond, getuige de twee heidevelden (aangeduid als ‘heetvelden’).  Het ene heideveld staat rechts op de bovenste strook van de complete kaart  (letter I), het andere heideveld ziet men links op de onderste strook ervan (letter K.) In totaal is volgens de toelichting een kleine 26 hectare nog niet ontgonnen. Ongeveer de helft van het land van pachter Willemsen was bouwland, anderhalve hectare was boomgaard. De vermoedelijke Prinsenlaan (aangeduid als de ‘laen’) had een oppervlakte van  drie hectare.

 

Men leest als toelichting:

 

Caerte van sekere hofstede toebehorende heeren van den Dom [het domkapittel] gelegen in Oostveen, het boovenste gedeelte tusschen de Martensdycksche wegh ende de Nieuwe Weteringe, het onderste tusschen de voors[chreven] wegh ende de Hollandse Radinge, beide aenden andren [beide in elkaars verlengde], streckende het heetveld [heideveld] K. sich uyt tot aen de voors[chreven] Radinge sonder scheydinge tussen de nevengelegene landen. Is samen groot bevonden 61 morgen 63 roeden, voor dezen gebruyckt [door] Cornelis Cornelissen Eykel, nu by Gereidt Willemsen. [Gemaakt door] Hugo Ruysch, 1678.

 

AD

De complete kaart

 

Het linkerdeel

Het rechterdeel