Ferdi van der Ham was een verzetsheld uit Bilthoven. In de zomer van 1941 zeilde hij nog met zijn vrienden op de Loosdrechtse Plassen. (Zie foto hierboven) Een jaar later dook hij onder.

 

Meer informatie

Ferdinand Alphons Marie van der Ham (1917 – 1944) was de zoon van architect en houthandelaar Theodorus Johannes van der Ham en Johanna Maria van der Drift. Na een paar jaar HBS ging hij in 1934 in de houthandel van zijn vader in Bilthoven werken. (Zie de afbeelding hieronder, omstreeks 1928)

Nadat hij was gelegerd op het Hydepark in Doorn trok Ferdi op de tiende mei 1940 met het Tweede Autobataljon van het Nederlandse leger naar de Grebbenberg. Hij was verantwoordelijk voor de aan- en afvoer van manschappen en materieel. Op de dag van de capitulatie werd hij gearresteerd en door de Duitsers in Gouda gevangen gezet. Begin juni was hij weer vrij, maar zijn wrok tegen de vijand ging zijn handelen bepalen.

Al snel maakte hij kennis met Zus Boerma-Derksen. Aanvankelijk richtten zij samen hun aandacht op het zoeken van onderduikadressen voor de Joodse inwoners van Bilthoven. Zijn werkkring bij de Burgerlijke Stand kwam hem goed van pas wanneer er identiteitspapieren vervalst moesten worden.

Half 1942 dook hij onder in de houtloods van zijn vader aan de Rembrandtlaan. Van daaruit ondernam hij zijn activiteiten als lid van de Knokploeg van de Oranje Vrijbuiters: wapentransport, sabotage, spionage, het uitschakelen van agenten van de Gestapo. Steeds weer wisten Zus en Ferdi buiten schot te blijven, totdat het mis ging.

Toen hij op weg was naar Utrecht met een tas vol wapens, stopte de trein nog vóór  het perron. Ferdi voelde onraad, sprong uit de trein, maar viel in handen van de Duitsers. Het lukte hem niet, schietend te ontkomen. Op 15 mei 1944 werd hij ter dood veroordeeld en de dag er na gefusilleerd. De familie moest het bericht in de krant lezen en bleef nog maanden in onzekerheid over de toedracht. Pas na de oorlog werd zijn lichaam in een massagraf in Overveen ontdekt en geïdentificeerd. Hij is bijgezet op de Erebegraafplaats  aldaar.

Na zijn terechtstelling liet de bezetter de familie niet met rust en startte en zoektocht naar de broer van Ferdi. Hij dook op tijd onder. Na een tweetal vergeefse pogingen hem te arresteren, werden de distributiebonnen van het gezin ingehouden. Drie kinderen moesten noodgedwongen elders worden ondergebracht. Een half jaar later werd het gezin herenigd. Toen was het vrede, maar met de bittere nasmaak van een groot verdriet.

JvdH

 

Literatuur:

J.C. Brugman, Bezet en Verzet, De Bilt en Bilthoven in oorlogstijd (1993)
J. D. Boerma. Geschiedenis van een Verzetsvrouw en haar gezin. Zus Boerma –Derksen. Verzetsvrouw van het eerste uur ( 2001)