Afgebeeld is de adressering van een brief over wandaden in Maartensdijk door inwoners van het Gooi uit 1608. Hij is gericht aan de beroemde zeventiende-eeuwse rechtsgeleerde (die van de boekenkist en Loevestein …). Hugo de Groot. Men leest: ‘[aan] de hooggeleerde, wijse, voorsienige here, mr. Hugo de  Groot, raedt, ende advocaat fiscaal van den Hove Van Hollandt  in den Haghe.’

Meer informatie

De Groot had kennelijk om informatie gevraagd over de gijzeling van iemand uit Gooiland aan de schrijver, een zekere Peter van Leuwen. Die  was mogelijk de schout van Oostveen of Maartensdijk. Het is een document waarin wordt verteld, dat een van degenen die zich misdragen had in de venen van het dorp Oostveen of St. Maartensdijk was vastgezet en na borgbetaling weer was vrijgelaten. De Gooiers hadden zich niet alleen misdragen maar kennelijk ook gedaan alsof het gebied van Oostveen of Maartensdijk tot Gooiland behoorde. De aangerichte schade moest door de daders  die uit het Gooi en met name Hilversum kwamen, worden vergoed. Er wordt bij Hugo de Groot, raadsheer in het Hof van Holland – de hoogste rechtbank in het gewest – gevraagd op te treden tegen de dieverij en roverij vanuit het Gooi in Maartensdijk, met verwijzing naar een grenskaart en naar toezeggingen van zijn voorganger. In de bijlage vindt men een bestand van het originele document. Een transcriptie met toelichting staat hieronder.

Bijlage: de brief aan Hugo de Groot: Brief Hugo de Groot 1608

Bron: Nationaal Archief. Inv.  1.10.35.02, nr. 42.

AD

Hugo de Groot, een schilderij van Van Mierevelt in het Rijksmuseum Amsterdam.

De transcriptie:

Hooggeleerde, wyse, voorsienige, seer discrete Heere,

Ick hebbe U Edele schrijven seeckere tyt geleden ontfangen, t welck ick al weder soude hebben beantwoort, hadde mijn dispositie sulcx toegelaten. De aenbiedinge daer inne vermelt van alle Uwe vruntschap ende correspondentie bysonder in het stuck van onse owitie [lees: offitie, officie of ambt] te willen onderhouden es my seer angenaem geweest om te lesen.

Verhope aen myn syde sulx metterdaet altyt mede te bewysen ende my daer inne soo te [ge]dragen,  dat U Edele daervan goet contentement ende genoegen brengt ende alle twyffel nemen sall.

Soo wel belangt de persoon daer inne vermelt ende by ons alhier in gyselinge gebracht sal deze voir antwoort dienen, dat de selffde geapprehendeert [gepakt]  is inden lande van Utrecht namentlick inde dorpe van Oostveen ofte Sinte Martensdyck een plaetse daer op geen dispute en valt  of deselve es notoirie des Stichtschen gront. [Over het Utrechtse karakter valt niet te twisten, het gebied hoort niet bij het Gooi.]

De apprehentie es geschiet by forme van arreste ten versoecke van partije geintesseerde [belanghebbende, benadeelde partij] ende dat deur mijne substituyt [vervanger] daertoe by den hove [kennelijk het Hof van Utrecht] ter instantie van de selve partye   specialyck geauthoriseert  synde [gemachtigd om op te treden], alles te  sijne  om te mogen becommen enige verstoringe ende reparatie [herstel] vande schade hemluyden by die van Hilversum in haere venen aengedaen

Dan U Edele sal gelieven voorts te verstaen, dat de voorschreven  gearresteerde ofte geapprehendeerde ontrent  drie weecken daernae met believen van partye geinteresseerde [de benadeelde partij] onder behoirlycke cautie  sub iudico […]  ontslagen es ende mits betaelende de costen ende misen van iustitie tot dien dage toe gevallen. [de gegijzelde is vrijgelaten maar moet borg betalen, en blijft aansprakelijk, ook voor de gerechtskosten.]

Ick wil u edele by desen vruntlick vermaent ende gebeden hebben dat u de selffde gelieve nae te commen ende te voltrecken te geen U Edele voorsaet de raetsheer mr.  Sijmon van Veen my tot meermalen vastelijck belooft ende toegeseyt heeft. [Kom de belofte na die uw voorganger, raadsheer Van Veen gedaan heeft.] Namentlyck U E goede resolutie ende middel te willen nemen ende bedencken waer mede voorcommen ende verhindert mochten worden  de menichfuldige ende notoire dieverye ende roverye  ter ruime… van de ingesetenen deser lande by die van Goijlant nae haer  aerdt nu lange  Jaeren herwaerts tot grote prejuditie ende schade van de voorschreven ingesetenen gepleeght. [Treed op tegen de dieverij en roverij door de Gooiers naar hun aard in het Maartensdijkse gepleegd, zoals uw voorganger beloofd heeft’] Daervan de voorseyde  raetsheer  U E oock goede onderrechtinge soude mogen doen ende by inspectie van de caerte mede blycken can die op de Radinge der limiten vande landen hem rechte is ende dese tot geen andere syne dienende. [Op de kaart ter zake kan men zien waar de grens tussen het Gooi en de Maartensdijkse venen loopt.]

Wil ick U E hoochgeleerde wyse voorsinnige ende seer discrete heere de Almachtige bevelen. Uut Utrecht de x January 1608. Uwe dienstwillige Peter van Leuwen

(Transcriptie AD)