In 1773 verscheen bij Jan Christiaan Sepp, boekverkoper te Amsterdam, de Nieuwe geographische Nederlandsche Reise- en Zak-Atlas, een vroege toeristische atlas die niet alleen 74 kaarten bevatte maar ook beschrijvingen van de weg en het landschap. Hierboven: de kaart waar De Bilt op stond.

De weg van Zeist naar De Bilt wordt hier aanbevolen om te wandelen, omdat dat veel prettiger is dan hem af te leggen in een rijtuig. Tussen bomen en korenvelden voert de weg langs landhuizen en siertuinen, vooral als je dichter bij het dorp komt. Dan is het nog een uurtje wandelen naar de stad Utrecht over de goed onderhouden Steenweg.

De tekst luidt:

Van Zeist verloopt een uur tyds, wanneer men aan het dorp de Bilt komt, welken Weg te wandelen men vermaakelyker zal bevinden, dan of men op eenig Rytuig was gezeten. Onder het gelommer van digt gebladerd Geboomte en door eenige Koren-landen komt mn meerendeels den Weg over, daar dan veele fraaije Hofsteden en mindere Lust-Tuinen den Wandelaar den Weg zeer kort maaken hoe meer men het Dorp de Bilt naderd. Van daar heeft men nog een klein uur gaans tot aan de Stad Utrecht, langs een goeden Steenweg, ter wederzyde met Boomen beplant.

DAB